Celzouten en oligotherapie zijn twee nauw verwante concepten in de natuurlijke geneeskunde, die beide draaien om het gebruik van mineralen voor het bevorderen van de gezondheid. Hoewel ze vaak door elkaar worden gebruikt, zijn er subtiele verschillen tussen beide.
Celzouten, ook wel Schüssler-zouten genoemd, zijn uiterst verdunde mineralen die, volgens de theorie van de Duitse arts Wilhelm Heinrich Schüssler, een essentiële rol spelen in de stofwisseling van onze cellen. Schüssler ontdekte dat een tekort aan deze mineralen kan leiden tot verschillende gezondheidsklachten. Door deze mineralen in homeopathische doseringen in te nemen, wordt het lichaam weer in balans gebracht.

- Werking: Celzouten bevorderen de opname van voedingsstoffen in de cellen, stimuleren de afvoer van afvalstoffen en ondersteunen zo de natuurlijke genezingsprocessen.
- Toepassing: Celzouten worden gebruikt voor een breed scala aan klachten, zoals vermoeidheid, spijsverteringsproblemen, huidproblemen en emotionele onevenwichtigheden. Ze werken echter door op cel- en lichaamsniveau.

Wat is Oligotherapie?
Oligotherapie is een behandelmethode die zich richt op de rol van sporenelementen in het lichaam. Sporenelementen zijn mineralen die in zeer kleine hoeveelheden nodig zijn voor diverse lichaamsfuncties. Ook oligotherapie werkt op celniveau.
- Werking: Door specifieke sporenelementen toe te dienen, wordt de balans hersteld, waardoor de cellen in het lichaam “gezonder” worden en beter gaan functioneren.
- Toepassing: Oligotherapie wordt vaak gebruikt bij chronische vermoeidheid, allergieën, huidproblemen en bepaalde neurologische aandoeningen. Oligotherapie heeft echter effect op de gehele gezondheid.
